Plukken:

    Een ruwharige hond moet 2 keer per jaar of 4 keer per jaar ( strippen ) geplukt worden. Het plukken houd in dat met de hand ( of een trim-mes ) de dode los zittende vacht verwijderd word. Omdat deze vacht niet vanzelf loslaat is het belangrijk dat hij eruit geplukt word zodat de nieuwe vacht eronder de kans krijgt om te groeien. Wel moet de vacht goed “plukrijp” zijn!

    Knippen:

    Knippen is het inkorten van de vacht met een schaar. Er zijn rassen die helemaal geknipt worden, er word dan gebruikt gemaakt van verschillende soorten scharen.

    Effileren:

    Effileren is het uitdunnen of inkorten van een vacht door middel van een effileerschaar.
  1. Scheren:

    Scheren is het inkorten van de vacht door middel van een tondeuse. Scheren kan op veel verschillende lengtes dit is afhankelijk van welke scheerkop of opzetkam er gebruik word gemaakt.
  2. Ontwollen:

    Ontwollen is het verwijderen van de dode onderwol. Om deze wol goed te kunnen verwijderen ondergaat de hond eerst een uitgebreide wasbeurt. Hierna  word de hond helemaal uitgeblazen/gedroogd en geborsteld door middel van een waterblazer en de daarvoor geschikte kammen en borstels.